het ziekenhuisbed staat halfstok en

mijn moeder trekt haar borst recht

de snijranden zijn schoongemaakt

de borstwand rood de naden stug

ze cirkelt met haar linkerschouder

blijft haken in rouwstand

het verloren volume ligt als een

beschimmelde afgod tussen ons in

een van de twee onrusthekken rammelt

onder het ongelijk verdeeld gewicht

ze zegt jij bent dokter

maar ook ik weet niet hoe de cellen

morgen delen

ze laat haar arm zakken

en grijpt naar de reling